Lees alles over hoefbevangenheid, EMS/insulinedysregulatie en PPID. Begrijpelijke uitleg, moderne inzichten en praktische kennis voor de gezondheid van je paard.
Premium

Ergovaline : een beklemmend stofje

ergovaline: uitleg van deze mycotoxine in graszaadhooi en het risico op hoefbevangenheid bij paarden.

Wat is ergovaline precies?

Ergovaline is een gifstof (mycotoxine) die geproduceerd wordt door een specifieke groep schimmels, die we endofyten noemen (Epichloë) [1]. Het bijzondere aan deze schimmels is dat ze in de grasplant leven. Je kunt ze dus niet aan de buitenkant zien, ruiken of proeven, zoals bij normale schimmels op oud hooi.

Bescherming van de plant

De grasplant zelf is wel blij met endofyten. De schimmel maakt het gras namelijk sterker, beter bestand tegen droogte en beschermt het tegen insectenvraat. Maar voor je paard dat dit gras eet ligt dat heel anders. Endofyten kunnen via de mycotoxinen die ze produceren de vasomotoriek verstoren.

Vasomotoriek

Laten we eerst kijken hoe vaatvernauwing en vaatverwijding normaal verlopen. Signaalstoffen (neurotransmitters), zoals noradrenaline en serotonine, beïnvloeden de bloedvaten door zich te binden aan specifieke receptoren in de vaatwand. Afhankelijk van het type receptor kunnen bloedvaten samentrekken (vasoconstrictie) of juist verwijden (vasodilatatie).

Wanneer de prikkel tot vaatvernauwing verdwijnt, zorgen vaatverwijdende stoffen zoals stikstofmonoxide ervoor dat de vaatwanden ontspannen. De bloedvaten verwijden zich, waardoor de bloedtoevoer toeneemt en de weefsels optimaal worden doorbloed.

De afwisseling van vasoconstrictie en vasodilatatie noemen we vasomotoriek. Het is een normaal en gezond fysiologisch proces. Het is bijvoorbeeld nodig om de temperatuur in de hoef te reguleren. Denk aan het vasthouden van warmte bij extreme kou of juist het afvoeren van hitte na inspanning. Een ander voorbeeld is het precies afstemmen van de toevoer van voedingsstoffen op de intensiteit van de beweging van een paard.

Ergovaline: een klem op de bloedvaten

De werking van ergovaline is even fascinerend als angstaanjagend. De stof lijkt moleculair gezien namelijk zo sterk op noradrenaline dat het lichaam erop reageert alsof het dit hormoon daadwerkelijk is.

Vereenvoudigd uitgelegd werkt het zo: als ergovaline in het bloed terechtkomt, hecht het zich o.a. aan alfa-adrenerge receptoren van de gladde spiercellen in de vaatwanden van zowel aan- als afvoerende bloedvaten. Dit zijn de receptoren waarop noradrenaline zich moet hechten. In plaats van een kort signaal te geven, zoals lichaamseigen signaalstoffen dat doen, waarna ze afgebroken worden, blijft ergovaline de receptoren langdurig activeren. Het ‘samentrekken’-signaal wordt continu afgegeven. Daardoor trekken de bloedvaten samen en ontspannen niet meer. De bloedvaten zitten in de klem [2] [3].

Waarom dit funest is voor de hoef

De lamellenverbinding in de hoef bestaat uit de wandlederhuid met de lederhuidlamellen (of vleeslamellen), de bijbehorende hoornlamellen en het basale membraan dat deze lamellen met elkaar verbindt. Deze verbinding zorgt ervoor dat de hoefwand stevig aan het hoefbeen vastzit.

Het levende deel van de lamellenverbinding – lederhuid, vleeslamellen en basale membraan – is sterk afhankelijk van een constante, fijne doorbloeding. Wanneer de bloedvaten vernauwen, krijgt het hoefweefsel te weinig zuurstof (ischemie) en voedingsstoffen, wat schade veroorzaakt en een risicofactor kan zijn bij het ontstaan of verergeren van hoefbevangenheid. De vernauwde bloedvaten verhogen bovendien de bloeddruk in de hoef, wat flinke pijn kan veroorzaken.

Van doorbloedingsprobleem naar hormonale ontregeling

Pijn stimuleert de aanmaak van het hormoon cortisol, dat de bloedvaten verder kan laten vernauwen [4]. Ook kan een verhoogd cortisolniveau bijdragen aan een hogere bloedsuikerspiegel en een verminderde insulinegevoeligheid; precies wat je niet wilt bij een paard met EMS/insulinedysregulatie [5]. Deze wisselwerking tussen pijn, cortisol en insuline vormt een vicieuze cirkel die de basis van de behandeling van een bevangen paard vaak zo uitdagend maakt.

Overige effecten van ergovaline

De effecten van ergovaline beperken zich niet tot de hoef. Allerlei andere hormoon- en zenuwreceptoren in het lichaam kunnen erdoor beïnvloed worden. Zo remt het onder andere de aanmaak van prolactine, een hormoon dat een rol speelt bij melkproductie, vachtwisseling en algemene stofwisseling. Ook de interne thermostaat van het paard kan in de war raken, waardoor dieren slechter tegen hitte of kou kunnen, overmatig zweten, afvallen, minder presteren of sloom worden [6].

In welke grassen zit ergovaline?

Ergovaline komt vooral voor in grassen die gekweekt zijn voor de zaadteelt, omdat de endofyt de overlevingskans van de plant en dus van het zaad vergroot. De hoogste concentraties zitten in Engels raaigras (Lolium perenne) en rietzwenkgras (Festuca arundinacea) [7]. Omdat de schimmel zich concentreert in de stengels en de zaadhoofden, is graszaadhooi (het restproduct na het dorsen) een bekende risicobron.

Bij welke waarde wordt ergovaline gevaarlijk?

Er zijn voor ergovaline en andere zogenaamde ergot-alkaloïden wel onderzoekswaarden bekend, maar in de praktijk blijft het lastig om een harde grens te trekken tussen ‘veilig’ en ‘gevaarlijk’. Onderzoek laat zien dat negatieve effecten vaak al kunnen optreden ruim vóórdat er sprake is van acute vergiftiging [8]. Het gaat dus meer om een glijdende schaal dan om een absolute drempelwaarde.

Daarbij spelen meerdere factoren mee, zoals de totale hoeveelheid ergovaline die een paard op een dag binnenkrijgt, hoeveel dagen dat duurt, de conditie en gevoeligheid van het individuele paard en of er ondertussen ook andere vaatvernauwende factoren meespelen, zoals chronische stress, kou of insulinedysregulatie.

Voor jou als paardeneigenaar is de belangrijkste boodschap: zie ergovaline niet als een gif met een magisch getal, maar als een risico dat toeneemt naarmate de concentratie in het ruwvoer stijgt én de blootstelling langdurig is, zeker bij paarden met stofwisselingsproblemen of doorbloedingsproblemen.

Wat kun je doen?

Het lastige is dat ergovaline hittebestendig is. Het verdwijnt dus niet door het drogen van het gras tot hooi [9]. Vraag bij aankoop van graszaadhooi daarom naar een telervereenkomst of een analyse op endofyten. Al is de beschikbaarheid van zulke analyses niet overal standaard.

Mengen

Voer graszaadhooi nooit als 100% van het rantsoen, maar meng het met veilig, endofytvrij natuurhooi. Dit kun je dan eventueel nog weken om de hoeveelheid suikers omlaag te brengen.

Toxinebinders

Er zijn aanwijzingen dat bepaalde pre- en probiotica of specifieke toxinebinders (zoals kleimineralen) kunnen helpen om mycotoxinen in de darm te binden voordat ze worden opgenomen, maar de effectiviteit specifiek voor ergovaline is nog niet heel uitgebreid onderzocht [10].

Voedingsdeskundige

Het is natuurlijk een open deur intrappen, maar wat je zeker ook kunt doen, is advies in te winnen bij een paardenvoedingsdeskundige. Een op jouw paard afgestemd voerplan is altijd beter dan welk artikel dan ook.

Conclusie

Hoefbevangenheid gefaciliteerd door graszaadhooi kan een circulatieprobleem zijn, ook als de suikers laag zijn. Door kritisch te zijn op de samenstelling van je ruwvoer, voorkom je dat deze onzichtbare ‘bloedvatklem’ schade aanricht.

Disclaimer

Dit artikel is alleen bedoeld ter informatie over de effecten van ergovaline. Het kan een faciliterende oorzaak zijn, maar zal nooit op zichzelf hoefbevangenheid veroorzaken. Insulinedysregulatie blijft de belangrijkste bewezen oorzaak van hoefbevangenheid. Graszaadhooi blijft geen ideaal ruwvoer voor paarden: het bevat vaak te weinig eiwitten, vitaminen en essentiële aminozuren en kan resten van kunstmest en bestrijdingsmiddelen bevatten.

Download

Klik hieronder om het PDF-bestand van dit artikel te downloaden.


PDF Downloaden